GELEIDINGSANESTHESIE VAN DE NERVUS TIBIALIS: .Het niet aanslaan van de geleidingsanesthesie van de

  • View
    213

  • Download
    0

Embed Size (px)

Text of GELEIDINGSANESTHESIE VAN DE NERVUS TIBIALIS: .Het niet aanslaan van de geleidingsanesthesie van de

UNIVERSITEIT GENT

FACULTEIT DIERGENEESKUNDE

Academiejaar 2016 - 2017

GELEIDINGSANESTHESIE VAN DE NERVUS TIBIALIS: ANATOMISCHE VARIATIE EN REFERENTIEPUNTEN

door

Eric DE BIVRE Promotor: Dr. Maarten Oosterlinck

Co-promotor: Prof. Dr. Frederik Pille

Onderzoek uitgevoerd in het kader

van de Masterproef

2017 Eric De Bivre

UNIVERSITEIT GENT

FACULTEIT DIERGENEESKUNDE

Academiejaar 2016 - 2017

GELEIDINGSANESTHESIE VAN DE NERVUS TIBIALIS: ANATOMISCHE VARIATIE EN REFERENTIEPUNTEN

door

Eric DE BIVRE Promotor: Dr. Maarten Oosterlinck

Co-promotor: Prof. Dr. Frederik Pille

Onderzoek uitgevoerd in het kader

van de Masterproef

2017 Eric De Bivre

Universiteit Gent, haar werknemers of studenten bieden geen enkele garantie met betrekking tot de

juistheid of volledigheid van de gegevens vervat in deze masterproef, noch dat de inhoud van deze

masterproef geen inbreuk uitmaakt op of aanleiding kan geven tot inbreuken op de rechten van derden.

Universiteit Gent, haar werknemers of studenten aanvaarden geen aansprakelijkheid of

verantwoordelijkheid voor enig gebruik dat door iemand anders wordt gemaakt van de inhoud van de

masterproef, noch voor enig vertrouwen dat wordt gesteld in een advies of informatie vervat in de

masterproef.

1

VOORWOORD

Ik zou iedereen willen bedanken die mij geholpen heeft dit onderzoek te schrijven. Eerst en vooral wil ik

mijn dank betuigen aan mijn promotor, Dr. Maarten Oosterlinck, voor zijn volhardende positiviteit

gedurende het jaar en zijn antwoord op al mijn vragen tot het einde. Zonder zijn expertise was dit

onderzoek nooit mogelijk geweest. Daarnaast wil ik Leen Van Brantegem en het technisch personeel

van de dienst Pathologie bedanken voor het beschikbaar stellen van alle achterbenen die in dit

onderzoek gebruikt zijn. Ook professor Simoens verdient een speciaal woord van dank voor het

beschikbaar stellen van zijn kennis en persoonlijke bibliotheek.

Katrien en Annelies, jullie hebben mij enorm geholpen met alle spellingscontroles, tips en steun voor

mijn onderzoek. Zonder jullie steun was ik er niet geraakt. Ten slotte zou ik mijn ouders willen bedanken

voor al hun enthousiasme en motivatie doorheen het jaar en voor het feit dat ze mij gedurende de zes

jaar die voorbij zijn gevlogen altijd hebben bijgestaan.

2

INHOUDSOPGAVE

SAMENVATTING ............................................................................................................................................... 3

INLEIDING ........................................................................................................................................................ 4

ANATOMIE ZENUW ................................................................................................................................................... 4

GELEIDINGSANESTHESIE ............................................................................................................................................. 5

MATERIAAL EN METHODEN ............................................................................................................................. 7

ANATOMISCHE DISSECTIE ........................................................................................................................................... 7

METINGEN.............................................................................................................................................................. 7

DATA ANALYSE ........................................................................................................................................................ 9

RESULTATEN .................................................................................................................................................. 10

ANATOMISCHE DISSECTIE ......................................................................................................................................... 10

METINGEN............................................................................................................................................................ 14

BESPREKING ................................................................................................................................................... 20

CONCLUSIE ..................................................................................................................................................... 23

REFERENTIELIJST ............................................................................................................................................ 24

3

SAMENVATTING

Het niet aanslaan van de geleidingsanesthesie van de nervus tibialis bij mankheidsonderzoek komt

geregeld voor. Dit onderzoek was bedoeld om na te gaan of er anatomische variatie bestaat ter hoogte

van de injectieplaats van de n. tibialis, wat dit probleem zou kunnen verklaren, en om referentiepunten

op te stellen voor een optimale injectiemethode voor perineurale anesthesie van de zenuw. Het verloop

ter hoogte van de tibia werd op tien achterbenen bestudeerd die afkomstig waren van vijf paarden na

een anatomische dissectie. De dikte van de zenuw, het niveau van opsplitsing in de nervi plantares, de

positie ter hoogte van de injectieplaats en de afsplitsing van huidtakken werden gemeten.

Er werd geen anatomische variatie in het verloop van de zenuw vastgesteld bij dertien achterbenen

(waarvan drie niet gedocumenteerd in deze studie). De dikte van de zenuw was gemiddeld 0,6 cm (SD

= 0,1), de opsplitsing gebeurde maximaal 8,5 cm van de tuber calcanei, de zenuw lag gemiddeld 1,1

cm (SD = 0,6 cm) voor de craniale rand van de musculus flexor digitorum superficialis, en de ramus

cutaneus tarsalis medialis en de fascietak van de n. tibialis splitsten maximaal 15 cm van de tuber

calcanei af. Een derde aftakking werd waargenomen bij beide achterbenen van paard 3, maar het

verloop kon niet worden gevolgd.

Anatomische variatie ligt niet aan de basis van de mislukking van de geleidingsanesthesie. De grote

diameter van de zenuw, de dikke laag perineuraal vet met bindweefsel en de omliggende fascie spelen

wellicht wel een rol in het falen van de verdoving. Perineurale injectie van de zenuw gebeurt het beste

10 cm boven de tuber calcanei op ongeveer 1,1 cm craniaal van de m. flexor digitorum superficialis aan

de mediale zijde van het been.

Sleutelwoorden: Anatomische variatie Geleidingsanesthesie Injectietechniek - N. tibialis -

Referentiepunten

4

INLEIDING

ANATOMIE ZENUW

De n. tibialis en n. peroneus communis zijn beiden een verderzetting van de n. ischiadicus. De n. tibialis,

de dikste van de twee, geeft op zijn verloop de rami musculares proximales af die de broekspieren

innerveren. Halverwege het dijbeen splitst de n. cutaneus surae caudalis, in de meeste gevallen, van

de n. tibialis af, die dan parallel met de vena saphena lateralis over de laterale vlakte van de m.

gastrocnemius richting tarsus en metatarsus verloopt. Ter hoogte van de knie splitsen de rr. musculares

distales af die de strekkers van de tarsus en buigers van het onderbeen innerveren. De tibiaalzenuw

duikt tussen de spierbuiken van de m. gastrocnemius, waar het over de mediale vlakte van de m. flexor

digitorum superficialis (MFDS) loopt. Hij komt samen met een tak van de arteria en v. caudalis femoris

tevoorschijn vanonder de laterale spierbuik van de m. gastrocnemius. Deze arterie en vene eindigen

hier in respectievelijk de caudale tak van de a. saphena en v. saphena medialis. Vervolgens loopt de

zenuw in de ruimte tussen de MFDP en de mediale zijde van de TCC, waar hij wordt begeleidt door de

caudale tak van de a. saphena en v. saphena medialis. In het distale deel van het onderbeen splitst hij

op in de n. plantaris medialis en lateralis (Ellenberger et al., 1932; Getty et al., 1975; Seiferle en Bhme,

1992; Budras et al., 2011).

In deze studie wordt de tibiaalzenuw enkel bestudeerd vanaf het niveau waar hij vanonder de spierbuik

vandaan komt tot op het niveau waar hij de tuber calcanei bereikt. In dit gebied wordt de zenuw omgeven

door losmazig bindweefsel, vet en een fasciaal compartiment dat aan de craniale zijde gevormd wordt

door een speciale fascie van de MFDP en de caudale/mediale zijde door een gemeenschappelijke

fascie en tendi accessorii van de m. semitendinosus en m. biceps femoris (Getty et al., 1975).

Gedurende zijn verloop splitsen er verscheidene huidtakken af op dit niveau, waaronder de r. cutaneus

tarsalis medialis, die de huid innerveert aan de mediale zijde van het spronggewricht en een deel van

de metatarsus (Seiferle en Bhme, 1992). Getty et al. (1975) beschrijft de afsplitsing van kleine

huidtakken gedurende het verloop van de tibiaalzenuw, maar laat buiten beschouwing op welk niveau

dit gebeurt. Ellenberger et al. (1932) beschrijft slechts n huidtak, wellicht de r. cutaneus tarsalis

medialis, die ongeveer halverwege de tibia afsplitst en mediaal over het spronggewicht richting het

mediale griffelbeen verloopt. Budras et al. (2011) verme