Zorgplan - Stedelijk Onderwijs 2014. 4. 16.¢  Zorgplan Stedelijke Basisschool Fruithof Flor Alpaertsstraat

  • View
    0

  • Download
    0

Embed Size (px)

Text of Zorgplan - Stedelijk Onderwijs 2014. 4. 16.¢  Zorgplan Stedelijke Basisschool Fruithof...

  • Zorgplan

    Stedelijke Basisschool Fruithof

    Flor Alpaertsstraat 45

    2600 Berchem

    Tel: 03/440 44 78

    e-mail: basis.flor.alpaertstraat@so.antwerpen.be

    mailto:basis.flor.alpaertstraat@so.antwerpen.be

  • 1. Inleiding

    2. Doelstelling van de zorg

    3. Visie op zorg in de stedelijke basisschool Fruithof

    3.1. De uitgangspunten van het zorgbeleid:

    - werken met systematische procedures

    - richten op beslissen en adviseren

    - gebruik maken van het hele referentiekader

    - samenwerking met leerkrachten, zorgteam (inclusief CLB), ouders en kind

    - aandacht besteden aan de positieve kenmerken

    - werken vanuit onderwijsbehoefte

    3.2. De manier waarop een vraag om zorg wordt behandeld in de school

    4. Zorgpiramide

    5. Doel van een handelingsplan

    6. Wie zorgt ervoor de leerlingen?

    7. Individueel traject op maat van de leerling

    8. GON begeleiding op school

    9. Visie op anderstalige nieuwkomers

    10. Wat doet het CLB op school?

    11. Overlegmomenten

    12. Dossiervorming

    13. Zorgtaken

  • Zorgplan Stedelijke Basisschool Fruithof

    _____________________________________________________________________________________________

    1. Inleiding:

    Al onze leerlingen hebben hun unieke persoonlijkheid en andere behoefte om te spelen en te leren. De meeste leerlingen leren op een

    gematigde manier. Sommige leerlingen hebben een langere tijd nodig om te komen tot leren. Er zijn ook leerlingen die weinig uitleg nodig

    hebben om grote leerstappen te kunnen maken. Deze verschillen ontstaan door verschillen in intelligentie, sociale- en emotionele

    ontwikkeling, werkhouding, lichamelijke condities, motorische ontwikkeling en door het milieu en de cultuur waar onze leerlingen vandaan

    komen. Wij als school hebben als taak om ons onderwijs zo in te richten dat elk kind zo goed mogelijk tot zijn of haar ontwikkeling komt,

    ongeacht de verschillende leermogelijkheden van onze leerlingen. Als schoolteam willen wij het beste voor alle leerlingen en hen zo goed

    mogelijk begeleiden in hun hele schoolloopbaan.

    In eerste plaats zullen wij proberen om zorg te voorkomen. Dit kunnen wij doen door de sfeer in onze klassen zo goed mogelijk te maken

    zodat elk kind zich veilig en gewaardeerd voelt. Zo zullen kinderen ook sneller en beter kunnen ontplooien. Ook zullen onze leerkrachten

    hun beste beentje voor zetten om de nodige kennis aan te reiken aan onze kinderen. Voor sommige kinderen kan dit alles niet genoeg zijn

    en hebben zij nood aan meer. Zij vragen aan ons meer dan helder onderwijs, zij vragen extra zorg. Ook deze kinderen hebben recht om

    te ontplooien en te komen tot leren. Daarom krijgen deze kinderen ook de extra zorg op onze school die zij nodig hebben.

    2. Doelstelling van de zorg:

    Als school treffen wij maatregelen voor leerlingen, die moeilijkheden ondervinden om hun leer- en ontwikkelingsproces goed te laten

    verlopen. Met deze maatregelen willen wij er voor zorg dragen dat elke leerling een doorgaande ontwikkeling doormaakt die recht doet

    aan deze leerling. Door de zorg die wij op school bieden willen we proberen om zo min mogelijk leerlingen door te verwijzen naar het

    buitengewoon onderwijs. Zodra onze middelen op school niet ( meer) toereikend zijn, zullen wij het CLB inschakelen om samen te kijken

    wat verdere stappen en mogelijkheden zijn. Zo kan er passende hulp geboden worden voor de leerling. Als school zullen we altijd denken

    en handelen in het belang van het kind om zo beter bij de wensen en noden van dit kind aan te sluiten.

  • 3. Visie op zorg in de stedelijke basisschool Fruithof:

    Met dit zorgplan, dat deel uitmaakt van het schoolwerkplan, wil de stedelijke basisschool Fruithof zijn zorgbeleid kaderen. Ons

    zorgbeleid is gebaseerd op het „handelingsgericht werken‟ van Pameijer Noelle en Van Beukerin Tanja. Graag willen we verwijzen naar de

    handboeken: “Handelingsgericht werken op school. Samen met leerkracht, ouders en kind aan de slag” van Pameijer Noelle, Van

    Beukering Tanja, Schulpen Yolande en Van De Veire Hugo.

    Deze uiteenzetting omvat twee delen:

    - de uitgangspunten van het zorgbeleid. Deze uitgangspunten kaderen het denken over de zorg in de school. Het is gericht op de ruime

    betrokkenheid en het preventief werken van alle deelnemers.

    - de manier waarop een vraag om zorg wordt behandeld in de school. Dit is een vaste procedure die ervoor zorgt dat er geen belangrijke

    stappen worden vergeten. Het doel is om een gericht advies te geven dat concrete acties beoogt.

    3.1. De uitgangspunten van het zorgbeleid:

    a. Werken met systematische procedures:

    Het werken met systematische procedures maakt het in kaart brengen van problemen objectiever en vollediger. Door zulke

    procedures te volgen brengen we een probleem volledig in kaart en vermijden we zorg op basis van vermoedens of

    veronderstellingen. We zoeken antwoorden op volgende vragen:

    - Wat is het probleem?

    - Wat gaat wel goed?

    - Wat is er in het verleden al gebeurd?

    - Wat heeft goed gewerkt?

    - Wat verwacht de leerkracht van het zorgteam?

    - Wat is de hulpvraag?

  • - Wie doet wat? Wanneer? Hoe?

    - Wanneer komen we weer bij elkaar om het proces te evalueren?

    Om antwoorden te krijgen op deze vragen gebruiken we de formulieren die we als school hebben opgesteld. Het invullen van het

    formulier kan meteen als verslag beschouwd worden. In de bijlage kan men de formulieren terugvinden die we op school hanteren.

    b. Richten op beslissen en adviseren:

    Bij handelingsgericht werken hebben we als doel een advies te geven waarmee de leerkracht, de ouders… aan de slag kunnen. In

    het advies telt niet enkel het kind, maar ook de leerkracht en de ouders. Als de leerkracht of de ouders het advies niet zien

    zitten om het werkelijk uit te voeren, is het een onnuttig advies. Alle betrokken partijen moeten achter een advies staan om tot

    een goede samenwerking en resultaat te komen. Daarom is het belangrijk om te zoeken naar een „haalbaar‟ advies voor iedereen.

    Dit voor zowel het kind, de ouders en de leerkracht.

    c. Gebruiken maken van het gehele referentiekader:

    Waarom heeft dit kind uit dit gezin, in deze school met deze leerkracht en met deze medeleerlingen de gesignaleerde problemen

    en hoe kunnen deze problemen worden opgelost?

    Dit is de centrale vraag waarrond onze zorgwerking is opgebouwd. Hiermee willen we duidelijk stellen dat het van belang is dat we

    de kindkenmerken ook in kaart brengen. We denken hierbij aan testgegevens, observaties,… .

    Bovendien wordt de onderwijsleersituatie bekeken. Hoe is de interactie tussen het kind en de medeleerlingen, tussen de

    leerkracht en het kind,… . Dit gebeurt door observaties in de klas.

    Ook de gezinssituatie wordt betrokken bij het geheel. Dit gebeurt door gesprekken met de ouders.

    Het zoeken van de oplossing voor het probleem wordt dus niet alleen bij het kind gezocht, maar ook in de omgeving van het kind.

    Daar liggen vaak meer „veranderbare gegevens‟ die de gestelde problematieke kunnen tegemoetkomen of oplossen. Door de

  • pedagogische of didactische aanpak te veranderen zijn veel onderwijsproblemen te verminderen. We denken bijvoorbeeld aan

    extra instructie, duidelijke regels en afspraken,… .

    Dit betekent dat de zorgcoördinator concrete tips probeert te geven aan de leerkracht. De zorgcoördinator ondersteunt ook de

    leerkrachten.

    d. Samenwerking met leerkrachten, zorgteam (inclusief CLB), ouders en kind:

    In onze school trachten we voldoende afstemming te vinden op de hulpvragen van de leerkrachten, ouders en kinderen door

    daadwerkelijk samen te werken. We praten ook met het kind in plaats van over het kind.

    De zorgcoördinator, het CLB en de leerkracht zien we als de onderwijsprofessionals. Zij weten welke aanpak het beste is en

    werkt bij deze leerling. Zij hebben zicht op de onderwijsleersituatie en op de veranderingsmogelijkheden daarin. Ze blijven dus

    verantwoordelijk voor beslissingen over het onderwijsaanbod en de extra begeleiding in de school.

    We werken intensief samen met de ouders. Zij zijn de ervaringsdeskundigen en kennen hun kind het beste. Ouders zijn – tot het

    tegendeel bewezen is – zorgzaam en competent, hebben het beste met hun kind voor en zijn zich bewust van hun

    verantwoordelijkheid. We bevestigen deze ouders ook in deze rol.

    Kinderen bepalen zelf hun ontwikkelen, ze dragen actief bij aan hun onderwijsleer- en opvoedingsituatie. We betrekken hen bij

    heel het zorg gebeuren. Zo zullen we met de leerling praten over de problematiek. We stellen het kind centraal, omdat dat de

    kans op slagen kan verhogen. Samen kunnen we met het kind naar oplossingen zoeken om met hun problematiek om te gaan.

    e. Aandacht besteden aan de positieve kenmerken:

    Als schoolteam vinden we het enorm belangrijk om ook te kijken naar de positieve kenmerken van het kind. Deze kunnen

    ingeschakeld worden om eventuele problematieke te verminderen of weg te werken. We kijken niet alleen wat goed gaat bij het

    kind, maar ook naar de sterke kanten van de leerkracht en de ouders. Deze sterke kanten