Anatomie, fysiologie en pathologie De huid in ... Vreemde voorwerpen (= corpus alienum; meervoud corpora

  • View
    0

  • Download
    0

Embed Size (px)

Text of Anatomie, fysiologie en pathologie De huid in ... Vreemde voorwerpen (= corpus alienum; meervoud...

  • Anatomie, fysiologie en pathologie

    De huid in beweging - pathologie

  • ❑ DE HUID IN BEWEGING - PATHOLOGIE 3

    De huid in beweging - pathologie Theorie

    Kees Walst, Wil Laval

    eerste druk, 2004

  • 4 ❑ DE HUID IN BEWEGING - PATHOLOGIE

    © 2004 Ontwikkelcentrum, Ede, Nederland Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, hetzij mechanisch, door fotokopieën, opnamen, of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het Ontwikkelcentrum.

    Artikelcode: 23042.2

    Colofon Auteur(s): Kees Walst, Wil Laval Illustraties: LOI; Verbaal -bureau voor visuele communicatie

  • ❑ VOORWOORD 5

    Voorwoord

    Deze uitgave bevat de onderwijseenheid ‘De huid in beweging - pathologie’ van de deelkwalificatie ‘Anatomie, fysiologie en pathologie’. Voor de onderwijseenheid is er een uitgave met opdrachten en bronnen en een uitgave met theorie.

    Opdrachten

    Aan het begin van elke opdracht staat het opdrachtdoel. Daar staat wat je aan het einde van de opdracht moet kunnen. De opdrachten bevorderen de zelfwerkzaamheid. Met de opdrachten kun je je kennis in de praktijk toetsen of bepaalde vaardigheden trainen. Als je alle opdrachten met voldoende resultaat hebt uitgevoerd, beheers je de stof.

    Bronnenoverzicht

    Om de opdrachten uit te voeren heb je informatie nodig. Hiervoor kun je het bijbehorende theorieboek gebruiken. Maar je kunt ook andere bronnen raadplegen. In het bronnenoverzicht staat waar je allemaal informatie kunt vinden over ziekten van het bewegingsapparaat en de huid. Dit kunnen boeken zijn, maar ook vakbladen, folders, video’s, het internet, et cetera.

    Theorie

    Het theorieboek bevat de theorie die je het meest nodig hebt en die niet gauw verandert. Om het bestuderen en verwerken van de tekst gemakkelijker te maken kun je aan het einde van elk hoofdstuk verwerkingsvragen maken.

    We wensen je veel succes bij het werken met deze uitgave.

    Het auteursteam

  • 6 ❑ DE HUID IN BEWEGING - PATHOLOGIE

    Inleiding

    Als je hebt gelezen over de anatomie en fysiologie van een hond of kat, dan weet je hoe het lichaam van een gezond dier functioneert. In de dierenartsenpraktijk krijg je echter vaak te maken met zieke dieren. Het deel van de diergeneeskunde dat zich bezig houdt met het verloop van ziekten heet de pathofysiologie. In deze onderwijseenheid wordt aandacht besteed aan de oorzaken, de symptomen, de diagnostiek, de therapie en de prognose van diverse ziektebeelden.

    Hoofdstuk 1 behandelt ziekteverschijnselen in het algemeen en de basisbegrippen van de pathologie. In hoofdstuk 2 komen de ziekten van het bewegingsapparaat aan de orde. Je leert in dit hoofdstuk over aandoeningen aan het skelet en aan de spieren En tot slot gaat hoofdstuk 3 over ziekten van de huid en de huidklieren.

  • ❑ INHOUD 7

    Inhoud

    Voorwoord 5

    Inleiding 6

    1 Ziekteverschijnselen algemeen 9 1.1 Oorzaken 9 1.2 Symptomen 14 1.3 Ontstekingen 16 1.4 Ziektepreventie 23 1.5 Afsluiting 35

    2 Ziekten van het bewegingsapparaat 37 2.1 Algemene symptomen 37 2.2 Terminologie 37 2.3 Ziekten van het skelet 39 2.4 Ziekten van de spieren 56 2.5 Afsluiting 61

    3 Ziekten van de huid 63 3.1 De huid 63 3.2 Ziekten van de huid 65 3.3 Aandoeningen van de huidklieren 88 3.4 Afsluiting 89

    Trefwoordenlijst 93

  • 8 ❑ DE HUID IN BEWEGING - PATHOLOGIE

  • ❑ ZIEKTEVERSCHIJNSELEN ALGEMEEN 9

    1 Ziekteverschijnselen algemeen

    Oriëntatie

    Je weet al hoe een gezonde hond of kat en hun organen horen te functioneren. In dit hoofdstuk gaan we allereerst in op typen ziekteverschijnselen en oorzaken van ziekten. Er zal een aantal basisbegrippen behandeld worden die onontbeerlijk zijn voor het goed begrijpen van de afwijkingen van de verschillende orgaansystemen. Het deel van de diergeneeskunde dat zich bezig houdt met de oorzaken en het verloop van ziekten heet de pathofysiologie.

    1.1 Oorzaken

    Ziekten hebben een oorzaak. Het onderzoeken van de oorzaken van een ziekte en het ziekte verloop (samen etiologie genoemd) is een belangrijk onderdeel van de pathofysiologie. In onderstaande opsomming wordt een overzicht gegeven van de voornaamste oorzaken van ziekten bij een dier. Dit overzicht vormt de leidraad voor de rest van dit hoofdstuk.

    Oorzaken ziekte: 1 idiopathisch 2 aangeboren

    • erfelijk • toevallig tijdens de dracht

    3 verkregen • trauma • vreemd voorwerp (corpus alienum) • tumor • infectie door micro-organismen • degeneratie • afwijking afweersysteem • vergiftigingen en deficiëntieziekten • stofwisselingsziekten • doorbloedingsstoornissen • iatrogeen/verkeerd medicijngebruik

    Idiopathisch

    Soms is de (dier)geneeskunde nog niet in staat een veroorzaker van een bepaalde ziekte aan te wijzen. Je spreekt dan van een idiopathische ziekte. De oorzaak van een ziekte kan erfelijk of verkregen zijn.

  • 10 ❑ DE HUID IN BEWEGING - PATHOLOGIE

    Aangeboren

    Aangeboren (= congenitaal) wil zeggen: al bij de geboorte aanwezig. Aangeboren erfelijke afwijking aandoeningen kunnen berusten op een erfelijke afwijking of toevallig tijdens de

    dracht ontstaan. Een erfelijke afwijking, dus een afwijking van het DNA, wordt van ouders op nakomelingen overgedragen (hereditair). Een erfelijke afwijking kan al bij de geboorte aanwezig zijn, dus aangeboren zijn. Een voorbeeld daarvan is heupdysplasie (HD). Als twee honden met HD nakomelingen verwekken zullen de pups ook met HD belast zijn. Een ander voorbeeld is het waterhoofd bij Siamezen, dat al bij de geboorte aanwezig is. Soms wordt een dergelijke afwijking pas lang na de geboorte duidelijk. Bij Cairn Terriërs is het poortaderstelsel van de lever soms erfelijk afwijkend. De klachten die dit veroorzaakt treden pas maanden na de geboorte op.

    toeval tijdens de dracht Een aangeboren afwijking hoeft echter niet erfelijk te zijn maar kan ook door toeval tijdens de dracht voorkomen. Tijdens de dracht kan de navelstreng zich per ongeluk om de staart van de foetus wikkelen. Daardoor wordt de staart afgekneld en zal deels afsterven. Het jong komt dan met een te korte staart ter wereld. Als twee dieren met zo’n korte staart paren, zullen hun jongen normale staarten hebben. Deze afwijking wordt immers niet veroorzaakt door fout erfelijk materiaal (chromosomen) maar door een toevallig verkeerd liggende navelstreng.

    Verkregen

    Verkregen ziekten kunnen veroorzaakt worden door trauma, vreemde voorwerpen, tumoren, infectie, degeneratie, afwijkingen van het afweersysteem, vergiftigingen en deficiëntieziekten, stofwisselingsziekten, doorbloedingsstoornissen en ten slotte door onoordeelkundig gebruik van medicijnen (= iatrogeen) of anderszins ingrijpen door de mens.

    Trauma Onder trauma wordt verstaan beschadiging door mechanisch, fysisch of chemisch geweld. Als een dier aangereden wordt en een poot breekt, spreek je van (mechanisch) trauma van die poot. Onder fysisch trauma versta je trauma veroorzaakt door verbranding, bevriezing of (röntgen- of zonne-)straling. Bijtende chemicaliën zoals sterke basen en zuren veroorzaken chemisch trauma.

    Vreemd voorwerp Vreemde voorwerpen (= corpus alienum; meervoud corpora aliena) kunnen organen afsluiten of beschadigen. Denk aan een steen die in de luchtpijp van een hond is beland. Maar een vreemd voorwerp als een stopnaald kan ook de slokdarm van een kat doorprikken, waardoor er bacteriën in de borstholte kunnen komen.

    Tumor Een tumor is een nieuwgroei van cellen met de volgende eigenschappen: – woekerende en ongecontroleerde groei; – de cellen zijn min of meer afwijkend van de gezonde cellen waaruit zij zijn

    ontstaan; – de cellen hebben geen structurele rangschikking; – de cellen hebben geen nuttige functie.

  • ❑ OORZAKEN 11

    maligne tumor Tumoren kunnen goedaardig (benigne) of kwaadaardig (maligne) zijn. Een maligne tumor noem je ook wel kanker. Een tumor is kwaadaardig als hij snel groeit, infiltreert, niet los ligt van het omringende normale weefsel en snel uitzaait (= metastaseert). Onder infiltratie versta je dat de cellen van de tumor niet netjes bij elkaar blijven maar tussen de omliggende normale cellen voortwoekeren. Daardoor is er geen duidelijke afscheiding tussen gezond en tumorweefsel mogelijk. De kwaadaardige tumor is dan ook vergroeid met gezond weefsel. Dat is de reden dat een kwaadaardige tumor vaak niet helemaal verwijderd kan worden tijdens een operatie en snel opnieuw opkomt.

    Onder metastaseren versta je het feit dat er afwijkende cellen loslaten uit de tumor en zich over het lichaam verspreiden. Dat kan via de bloedbaan (hematogene metastasering) of via de lymfebanen (lymfogene metastasering). Ook kunnen tumorcellen via direct contact tussen twee organen overspringen, bijvoorbeeld van de milt naar de darm. Dit noem je verspreiding per continuitatem. Tumorcellen die hematogeen verspreid worden komen meestal in de longen de lever of de nieren terecht. Tumorcellen die lymfogeen verspreid worden komen in eerste instantie in de plaatselijke lymfeknoop terecht en daarna (via de ductus thoracicus) in de bloedbaan en worden daarna hematogeen verspreid. Als je vermoedt dat een dier een maligne tumor heeft, moet alvorens een therapie in te stellen, dus eerst worden gecontroleerd of er geen metastasen zijn in de lymfeknopen,